Een groeiend aantal wetenschappelijke bewijzen suggereert dat blootstelling aan per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS) – algemeen bekend als ‘forever chemicaliën’ – ernstige gevolgen kan hebben voor de ontwikkeling van het skelet bij kinderen. Een recent multinationaal onderzoek heeft een mogelijk verband aangetoond tussen deze persistente verontreinigende stoffen en de verminderde botdichtheid tijdens kritieke groeijaren.
De onderzoeksresultaten
Onderzoekers uit de Verenigde Staten en Canada voerden een observationeel onderzoek uit waarbij 218 kinderen werden gevolgd terwijl ze opgroeiden. Door bloedmonsters te analyseren op verschillende PFAS-verbindingen, waaronder PFHxS, PFOS, PFOA en PFNA, en deze te vergelijken met metingen van de botdichtheid, heeft het team verschillende belangrijke correlaties blootgelegd:
- Gerichte impact: Hogere niveaus van PFOA werden specifiek in verband gebracht met een lagere botdichtheid in de onderarm op de leeftijd van 12 jaar.
- Genderverschillen: De associatie tussen verhoogde PFAS-niveaus en een lagere botdichtheid leek sterker te zijn bij vrouwen.
- De leeftijdsfactor: De impact van verschillende stoffen varieerde op basis van de duur en het tijdstip van de blootstelling, wat erop wijst dat wanneer een kind wordt blootgesteld net zo belangrijk is als aan hoeveel het wordt blootgesteld.
Hoewel dit een observationeel onderzoek was en niet definitief bewijst dat PFAS botverlies veroorzaakt, is de correlatie significant. Onderzoekers schatten dat de kloof tussen de hoogste en laagste blootstellingsniveaus een 30% hoger risico op botbreuken zou kunnen vertegenwoordigen.
Waarom dit belangrijk is: het langetermijnrisico
De timing van deze blootstelling is bijzonder zorgwekkend omdat de kindertijd een essentieel venster is voor de biologische ontwikkeling. Botmassa die tijdens de jeugd is opgebouwd, dient als basis voor de gezondheid van het skelet op volwassen leeftijd.
Een lagere botdichtheid in de kindertijd is een primaire voorspeller van:
1. Verhoogd fractuurrisico tijdens de adolescentie en volwassenheid.
2. Vroege aanvang van osteoporose en andere degeneratieve botaandoeningen later in het leven.
De vitamine D-verbinding
Wetenschappers onderzoeken waarom deze chemicaliën de botstructuur beïnvloeden. Voorlopig onderzoek suggereert dat PFAS de vitamine D-spiegels kan verstoren. Omdat vitamine D essentieel is voor de calciumabsorptie en botmineralisatie, kan elke verstoring van dit proces het vermogen van een kind om sterke botten te bouwen direct ondermijnen.
De uitdaging van “Forever Chemicals”
De term ‘forever chemicaliën’ verwijst naar de extreme persistentie van PFAS in het milieu; ze worden op natuurlijke wijze niet afgebroken en zijn vrijwel onmogelijk te elimineren zodra ze in het ecosysteem terechtkomen.
Ondanks mondiale inspanningen om deze te reguleren, is de omvang van het probleem enorm:
* Alomtegenwoordigheid: PFAS zijn doorgedrongen in de watercyclus, de bodem, de voedselvoorziening en consumentenproducten zoals textiel en elektronica.
* Leemten in de regelgeving: Hoewel PFOA nu wereldwijd verboden is onder het Verdrag van Stockholm vanwege zijn status als kankerverwekkend, blijven duizenden andere PFAS-varianten in gebruik.
* Wetenschappelijke blinde vlekken: Van de meer dan 10.000 bekende PFAS-verbindingen is slechts een klein deel rigoureus onderzocht op veiligheid.
Vooruitkijken
Uit het onderzoek blijkt dat er dringend behoefte is aan interventie. Zoals epidemioloog Jessie Buckley opmerkt, is het verminderen van de blootstelling tijdens ‘belangrijke ontwikkelingsfasen’ essentieel voor het ondersteunen van de levenslange gezondheid van de botten.
Toekomstig onderzoek zal zich richten op de vraag of deze impact op het skelet aanhoudt of evolueert naarmate deze kinderen hun tienerjaren en volwassenheid ingaan, waardoor een duidelijker beeld ontstaat van de fysiologische kosten van milieuverontreiniging op de lange termijn.
Conclusie: Dit onderzoek onderstreept de dringende noodzaak om de PFAS-besmetting in drinkwater en consumptiegoederen te verminderen, omdat blootstelling op jonge leeftijd de integriteit van het skelet in gevaar kan brengen en het risico op breuken gedurende het hele leven kan vergroten.





















